hechting in relatiesAls mens hebben we allemaal behoefte aan verbinding met anderen. Hoe deze verbinding eruit ziet, kan echter heel verschillend zijn. Hoe makkelijk stel je je open voor de ander? In hoeverre heb je vertrouwen dat de ander er voor je is en dat die er voor jou wil zijn? En mocht je het lastig vinden om je open te stellen of vertrouwen te hebben in de ander, wat kan je daar dan aan doen. Wat jij voor lessen hebt geleerd over verbinding maken en vertrouwen? Hoe veilig, of onveilig, ben je zelf gehecht aan je ouders?

Hechting tussen ouder en kind

Als je kijkt naar je eigen ontwikkeling is dit zeer bepalend voor hoe we als volwassene relaties aangaan. Als kind word je geboren in de afhankelijkheid van je ouders. In een ideale situatie zijn de ouders in verbinding met zichzelf, met elkaar en zijn ze beschikbaar voor jouw behoeftes als kind. In een ideale situatie zijn de ouders er om het verbinding te maken met jou zodat jij je veilig aan je ouders kan hechten. Wanneer je je angstig voelt zijn jouw ouders er om je gerust te stellen. Wanneer je je verdrietig voelt zijn jouw ouders er om je te troosten. Wanneer je je blij voelt zijn de ouders er om hierin mee te vieren. En wanneer je je boos is zijn de ouders er om je te leren dat dit is zegt over jouw behoeftes en leer je hiermee om te gaan om jezelf te leren kennen in wat je wel en niet wilt.

Je reikt dus uit naar je ouders en in een gezond gezin zijn je ouders er om je een veilige haven te bieden. Dit gaat in heel veel gevallen goed. Op die manier leer he dat het veilig is om je uit te reiken naar de ander en dat de ander er dan voor je is. Dit zal er dan toe leiden dat ook in je volwassenheid je leert om je emoties te mogen voelen en te mogen delen met anderen.

Echter kan het ook zo zijn dat ouders minder beschikbaar voor je waren of dat er bepaalde oordelen op bepaalde emoties zaten. Misschien waren je ouders erg druk met zichzelf of met elkaar. Ook kan het natuurlijk zijn dat je ouders zelf ook minder hebben geleerd dat ze veilig uit kunnen reiken naar een ander en kunnen ze je deze veiligheid zelf ook minder bieden. Dan heb je afgeleerd om uit te reiken omdat je ouders minder beschikbaar voor je waren. Waren ze er emotioneel helemaal niet voor je of reageerden ze afkeurend of boos.

Misschien heb je wel geleerd dat bepaalde emoties er minder mogen zijn. Bij verdriet heb je gemerkt dat je je niet moet aanstellen, als je je bang voelde kreeg je wellicht te horen dat dit onzin was. Werd je misschien wanneer je boos was altijd weggestuurd? Of was er weinig aandacht wanneer je blij of trots was.

Wanneer deze boodschappen er veel zijn geweest in je gezin heb je waarschijnlijk geleerd om je emoties in te slikken en minder vertrouwen te hebben in de beschikbaarheid van de ander. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat je hierdoor juist je emoties er in alle hevigheid laat zijn, als een explosie die er steeds weer is.

Hechtingsstijlen

Jouw opvoeding, en alles wat je over emotionele verbondenheid hebt geleerd in je opvoeding (bewust en vaak ook onbewust) bepaalt dus hoe je je verbindt als volwassene. Er zijn hier verschillende stijlen in:

  1. Veilige hechting: Je voelt je veilig om je emoties te delen met anderen en voelt vertrouwen dat de ander er ook voor jou is. Je kan goed omgaan met de emoties van jezelf en anderen.
  2. Vermijdend: Je vertrouwt vooral op jezelf als het gaat om omgaan met emoties. Je stelt je onafhankelijk op en gaat niet makkelijk hechte banden aan met anderen. Je vindt het lastig om je open te stellen, hulp te vragen of je te laten geruststellen door de ander. Je hebt een muur(tje) om je heen en vindt het lastig om emotioneel contact aan te gaan.
  3. Afhankelijk/Ambivalent: Je voelt je vaak in relaties met anderen. Je weet niet of de ander er wel of niet voor je is. Je stelt je meer afhankelijk op en hebt de behoefte dat de ander je steeds geruststelt. Je hebt de neiging om je aan de anders vast te klampen. Je hebt het idee dat jij mensen vaak aardiger vindt dan anderen jou. Je bent bang om in de steek gelaten te worden.
  4. Angstig: Je weet niet goed wie je kan vertrouwen en wie niet. Je hebt wat minder vertrouwen in jezelf en ook weinig vertrouwen in de ander. Je bent bang om gekwetst te worden. Je voelt je angstig als het gaat om emotioneel je verbinden met de ander en laat je hierdoor belemmeren om deze relaties aan te gaan. Je gaat relaties uit angst uit de weg. Je vindt het lastig om anderen te vertrouwen. Je bent bang om gekwetst te worden.

In welke stijl herken jij jezelf het meeste?

Door meer te weten over jouw neiging en hechtingsstijl heb je meer inzicht in jouw eigen gedrag in relaties. Wanneer je minder veilig gehecht bent kun je ook alsnog leren die veiligheid te creëren en aan te leren gaan.

Wil je hier meer over weten of wil je stappen maken om je meer met iemand emotioneel te leren verbinden? Stel je vraag via het formulier aan de rechterkant.